Home › Tekststructuren
De zeven tekststructuren
Bijna elke informatieve of betogende tekst is volgens een van deze zeven patronen opgebouwd. Leer ze herkennen, dan lees én schrijf je met meer overzicht.
Raak een structuur aan voor meer informatie.
Aspectenstructuur
Een onderwerp belicht vanuit verschillende kanten of deelonderwerpen.
Eén onderwerp, meerdere kanten 02Verleden, heden en toekomst
Een onderwerp gevolgd door de tijd heen: hoe het was, hoe het nu is en hoe het kan worden.
Hetzelfde onderwerp, door de tijd heen 03Voor- en nadelenstructuur
De positieve en negatieve kanten van een onderwerp, vaak uitmondend in een afweging.
De plus- en minkanten op een rij 04Vraag-en-antwoordstructuur
Een centrale vraag in de inleiding, beantwoord in het vervolg van de tekst.
Een vraag die de tekst beantwoordt 05Argumentatiestructuur
Een standpunt dat met argumenten wordt onderbouwd en tegenargumenten weerlegt.
Een standpunt, onderbouwd en verdedigd 06Probleem-en-oplossingstructuur
Een probleem met zijn oorzaken, gevolgd door mogelijke oplossingen.
Een probleem, ontleed en opgelost 07Verklaringsstructuur
Een verschijnsel met zijn kenmerken, oorzaken en mogelijke verklaringen.
Een verschijnsel, verklaardHoe kies je tussen structuren die op elkaar lijken?
Sommige structuren liggen dicht bij elkaar. Drie vragen helpen je bijna altijd verder:
- Verdedigt de schrijver een mening of weegt hij neutraal af? Mening verdedigen wijst op argumentatie; neutraal afwegen op voor- en nadelen.
- Moet er iets opgelost worden, of alleen begrepen? Oplossen wijst op probleem-oplossing; begrijpen op een verklaring of vraag-antwoord.
- Bepaalt de tijd de indeling? Zo ja, dan is het waarschijnlijk verleden-heden-toekomst; zo niet, dan eerder de aspectenstructuur.